De weekmenuplanner van Madame Zsazsa

Na haar pracht van een zsazsalmanak die je -helaas enkel- kon scoren bij het Nieuwsblad, ontwierp de gelijknamige Madame ook nog eens een weekmenuplanner die je goesting doet krijgen om 2017 in je beste keukenschort in te zetten. Supermooi is hij! Met kleurgroentjes én seizoensgroentjes op elk blad. Fier als een gieter en blij als een kind was ik dan ook dat ik mijn menu voor de eerste twee weken van het nieuwe jaar mocht delen met haar lezers.

Omdat er heel wat gerechtjes van de voorbije kookeetleefjaren werden gerecycled -ahja, zo zijn we! -in de menu, krijgen jullie die hier nog even met de linkjes erbij voorgeschoteld. Dat 2017 mag smaken!

fullsizerender

Week 1 -van 2 tot 8 januari

Maandag 2 januari 2017
Pompoenrisotto met Indiase linzen en warmoes (de warmoes kan je -seizoensgewijs- vervangen door andijvie )

Dinsdag 3 januari 2017
Zwartebonenburger met veenbessenbarbecuesaus en pompoenfrietjes (ja, de enige echte!)

Woensdag 4 januari 2017
Tofu-au-vent met gebakken patatjes en een winterslaatje  (veldsla is dé wintersla bij uitstek, combineer met winterpostelein en je hebt een droomslaatje)

Donderdag 5 januari 2017
Knolselderkroketjes met huisgemaakte tartaar en frietjes

Vrijdag 6 januari 2017
Japanse wok van rode kool, prei en tempeh met basmati en misodressing (receptje dat ik maakte voor EVA-magazine dus zoek daar maar even op!)

Zaterdag 6 januari 2017
Restjesdag! Maak een ovenschotel van wat je nog in je frigo vindt en de restjes van de voorbije gerechten.

Zondag 7 januari 2017
Gebakken seitan met pastinaakpuree, rodebietenrodekoolchutney en waterkerssaus

Week 2 -van 9 tot 15 januari

Maandag 8 januari 2017
Pastinaaksoep met pitta’s met pittaslaatje en geraspte rodebiet en rode kool

Dinsdag 9 januari 2017
Pasta Pompoen

Woensdag 10 januari 2017
Linzenballetjes in abrikozentomatensaus met knolselderpuree

Donderdag 11 januari 2017
Shakshuka (google this one and enjoy!)

Vrijdag 12 januari 2017
Seitanstoverij met frietjes en slaatje

Zaterdag 13 januari 2017
Savooimosterdtarteletjes met geglaceerde koolrabiblokjes in sinaasappelcaramel met slaatje (deze komt één dezer nog online! )

Zondag 14 janjuari 2017
Indische curry van kikkererwten, pompoen en aardpeer met basmati

Advertenties

De kerstdoos

Omdat minder moet kunnen.  Omdat ik winkelstraten schuw. Omdat ik  een wee gevoel krijg van al die spullen en spullen en spullen.

Omdat ik liefst iets geef met mijn handen en hart. Omdat ik zelf(s) mijn cadeautjes graag kook. Omdat eten geven voeden heet. Omdat dozen herwaarderen en bokalen opnieuw vullen duurzaam is. En ach kom, omdat ik er het geld niet voor heb.

Daarom en gewoon omdat ik het zo leuk vind, krijgen jullie van mij voor de feestdagen de tips voor een kerstdoos cadeau. Een persoonlijk cadeautje met evenveel mogelijkheden als er persoonlijkheden en smaken zijn.

Om te beginnen heb je -het woord zegt het zelf- een doos nodig. Mijn eerste kerstdoos was een schoenendoos maar dat kan uiteraard gelijk welk soort doos zijn. Verloren dozen genoeg op deze planeet dus een liefdevolle adoptie is snel gebeurd. Met je restjes inpakpapier van kerst 2015 (ja, die heb je flink bewaard!) maak je van je kneusje van een doos in no time een vampdoos -die je liever zelf zou houden, maar neen, kerst is het feest van de vrijgevigheid dus weg ermee!

Bokalen: nog zo’n ondergewaardeerd goed. Ok, mijn moeder vraagt zich soms wel af waarom de kast in de gang lijkt op een uit zijn voegen gebarsten glascontainer maar ik verantwoord dat bliksemsnel  met een: voor het vullen van de Kerstdoos! En voor het bewaren van al mijn bewaarbaar voedsel tout court. Mijn papjes en prutjes, mijn sausjes en brouwsels, mijn koekjes en andere zoetjes. En dan ben ik nog niet begonnen aan mijn noten en zaden, mijn pitten en granen.  Bokalen zijn mijn vrienden maar soms zijn ze met teveel. Dan horen ze thuis in een kerstdoos. Gevuld met lekkers uiteraard.

Nu we het omhulsel hebben, rest ons enkel nog het vulwerk. Zeg me niet dat de winter een dood moment is in de groentemand en fruitschaal want dat lieg je. Ok, sommige van de jongens en meisjes hebben hun mooiste dagen gehad maar juist dat maakt hen prima kerstgoed. Rimpelzachte rode bietjes, slome winterkool, slappe appeltjes: ze zijn goud waard in deze dagen van kerstkokerij want ze vormen de basis voor de beste chutney en de lekkerste pickles.

Chutney is een hele dankbare. Ui, wortel, rode biet (zie onder),  pompoen, appel (zie onder), veenbessen en noem zo maar op. Je kan er een regenboog van bokaaltjes mee vullen.
Stevige koekjes zijn mooi bokaalvoer. Deze , deze, deze en deze zijn trouwens zo gezond dat je ze zelfs als ontbijt kan eten.En deze zijn dan gewoon weer te mooi om op te eten.
Een fles past even goed in de doos. Wat dacht je van een fles sprankelende  -katerbestendige- waterkefir. Je kan kerstige ingrediënten zoals kaneel, sinaasappel, kruidnagel, veenbessensap, jeneverbessen toevoegen aan de basisversie.
Een portie granola mag niet ontbreken! Ik maakte een kerstversie op basis van veenbessencompôte en warme kruiden. (Zie onder)
En ja, gefermenteerde groentjes zijn nu eenmaal mijn favorietjes.
Maar ongetwijfeld hebben jullie zelf nog tal van leuke kerstdoosideeën!

Uiteraard mag je je doos ook afwisselen met een paar aangekochte duurzame hebbedingetjes. Ik verstop al graag eens wat zakjes thee –deze of deze– tussen mijn bokalen. Of wat dacht je van de heerlijkheden van Mirabella als extraatje in je kerstdoos?

img_5642

Appelchutney

voor 1 l chutney
8 appels
100 ml appelazijn
150g rietsuiker
100g rozijnen
1 duim geraspte gember
1 versnipperde ui
1 tl korianderpoeder
1 tl kaneel
1 el arachideolie
snuif zout
1tl curry

Stoof de ui in de olie tot glazig. Blus met de azijn en suiker. Voeg curry, gember, rozijnen, cardamom en koriander toe en laat 2 min sudderen. Voeg de appeltjes toe en laat verder sudderen tot gaar. Kruid af met zout.

Giet kokend heet in kraakschone potten. Sluit meteen af en draai de potten om tot ze zijn afgekoeld. De meeste deksels hebben een kliksysteem. Ze mogen, eens gevuld en afgekoeld, geen klikgeluid meer maken als je erop drukt. Dat wil zeggen dat ze luchtledig zijn. Als je ze later zal openen, zullen ze open’klikken’. Je kan ook peren, pruimen, perziken en abrikozen op deze manier tot chutney verwerken.

Rodebietenchutney

voor 1 l chutney
5 bieten
1 ui
0,5 l appelsap
200 ml appelazijn
150g rietsuiker
1 tl cardamompoeder
1 tl nootmuskaat
1 tl korianderpoeder
1 el geraspte gember
peper en zout

Schil en rasp de bieten. Versnipper de ui en fruit hem in een hete pan met olijfolie. Voeg de kruiden toe. Roerbak 3 min. Blus met de appelazijn en de suiker toe. Laat 3 minuten sudderen. Voeg de geraspte bieten en de appelsap toe. Breng aan de kook en laat op laag vuur minstens een half uur sudderen. Voeg sap toe indien nodig. Mix de chutney fijn tot een mousseline.

Giet kokend heet in kraakschone potten. Sluit meteen af en draai de potten om tot ze zijn afgekoeld. De meeste deksels hebben een kliksysteem. Ze mogen, eens gevuld en afgekoeld, geen klikgeluid meer maken als je erop drukt. Dat wil zeggen dat ze luchtledig zijn. Als je ze later zal openen, zullen ze open’klikken’. Je kan ook peren, pruimen, perziken en abrikozen op deze manier tot chutney verwerken.

Kerstgranola

Nodig voor 1 kilo
5 cups havervlokken
1 cup speltmeel
2 cups kokosolie
1/2 cup pompoenpitten
1/2 cup zonnebloempitten
1/2 cup grofgehakte hazelnoten
1/2 cup veenbessencompote
5 el ahornsiroop
1 tl nootmuskaat
1 tl kruidnagelpoeder
1 tl cardamom
1 el kaneelpoeder
snuif zout

Verwarm de oven voor op 180°C (geen hete luchtstand). Doe alle ingrediënten in een kom. Meng goed door elkaar met je handen. Bekleed een bakvorm met bakpapier. Spreid de granola uit over het papier. Plaats in de oven gedurende minstens 20 minuten. Hussel elke 10 minuten alles door elkaar met een bakspaan. De granola moet goudbruin zijn en lekker geuren. Laat volledig  afkoelen en vul bokalen.

img_0722

img_0710

Witte bonen in tomatensaus -zoals je ze nog nooit at maar altijd zou moeten eten

img_4157

O wat ben ik hier al veel te lang niet meer gepasseerd! Mijn vakantie zat stamp-zalig-vol met zon, trage tijd, zuiders eten, boeken en mijn liefsten. Maar nu is het weer zo druk dat ik niet weet waar eerst. Na een dag laptop heb ik echt geen zin om er ’s avonds weer achter te kruipen. Dan is er vooral de behoefte aan een leeg hoofd en roer ik liever in mijn potten dan erover te schrijven. Maar daardoor zit ik hier nu wel met een heel arsenaal aan opgespaarde zomerrecepten terwijl de herfst het land al is binnengevallen verdorie. Laten we dat eenvoudig oplossen door haar te paaien met haar favoriete koosnaam Indian Summer. Daar fleurt ze helemaal van op en dan kunnen jullie zich nog te goed doen aan een paar zonovergoten gerechtjes de komende weken!

Mijn verblijf in Frankrijk stond in het teken van de verheerlijking van één van mijn lievelingsingrediënten: peulvruchten! Ik improviseerde en experimenteerde met linzen, bonen en kikkererwten dat het een lieve lust was. Een paar toppertjes wil ik jullie niet onthouden. Heel eenvoudige luie receptjes zijn het. Omdat dat eigenlijk de beste zijn. Omdat goede, eerlijke ingrediënten voor zichzelf spreken en weinig opsmuk behoeven. En voor wie mijn ode aan de peulvrucht nog niet hoorde: ze zijn zo gezond, ze zijn de ultieme vleesvervanger, ze zijn heel betaalbaar, je kan er alle culinaire kanten mee uit,  ze zijn er in zoveel soorten, maten en smaken, je bewaart ze -in gedroogde staat- jaren, gewoon bij kamertemperatuur, in een bokaal en ze zijn uiteraard bovenal verdomd lekker. Waar wacht je nog op?

Beginnen doen we met een échte klassieker: witte bonen in tomatensaus! Maar dan helemaal hoe het hoort. Slow cooking en al! Na dit recept lust je geen bonen uit bokaal meer.

img_3972

Witte bonen in de beste tomatensaus 

Voor vier
500 g droge witte bonen
8 bloedrode biologische zachtrijpe tomaten
2 uien
3 tenen look
3 laurierbladeren
2 dikke takjes tijm
1 takje vers bonenkruid of 1 tl gedroogd bonenkruid
peper van de molen
zuiver zeezout (ik ben fan van Danival!)
2 el balsamicoazijn
twee scheuten rode wijn
de beste olijfolie

Zet de bonen bij voorkeur minstens 12 u te week (de avond voordien is prima). Giet het weekvocht af, spoel grondig en zet op het vuur in ruim water (vier keer de hoeveelheid van je bonen).  Kook tot ze zachtgaar zijn (beetgare bonen zijn niet lekker en dat vinden je darmen ook!) maar ook weer niet compleet pureeplat. Dit duurt ongeveer een dik uur.

Verwarm de oven voor op 180°C. Snijd de tomaten in 3 cm dikke blokken. Doorprik de tenen look en kneus ze met het plat van een hakmes. Schik tomaten en look in een ovenschotel. Besprenkel  ze gul met olijfolie, voeg een eetlepel balsamicoazijn, een scheut rode wijn, de tijm, laurier, bonenkruid toe. Breng op smaak met peper en zout. Hussel alles goed door elkaar en laat gedurende een half uur sudderen in de oven.

Snijd de ui fijn en fruit op een medium vuur in een ruime pot met dikke bodem. Fruit tot de ui heel lichtbruin wordt. Blus met een eetlepel balsamico en een scheut rode wijn. Vis de look uit de schotel met tomaten en nijp de pulp eruit. Voeg de tomaten met look toe aan de uien en laat zachtjes pruttelen op een laag vuur. Voeg na vijf minuten de bonen toe en laat nog tien minuten pruttelen. Breng op smaak met peper en zout.

 

Yvestown. Koken is koesteren.

IMG_3677

Het is hartje zomer. Ik keerde gisteren terug naar België na twee weken in een gloedheet Italië. Reizen is fijn maar voor mij is thuiskomen dat nog meer. Mijn thuis is waar mijn keuken staat en waar ik naar het zelfoogstveld kan fietsen om kersverse biogroenten te gaan oogsten. Eenvoudig genieten van elk klein moment. En dat koesteren. Dankbaar zijn voor wat ik heb. En voor wie ik mag liefhebben. Hier en nu.

En dat is nu net het gevoel dat ik terugvind in dit mooie kookboek. Want ja, dit boek staat niet alleen boordevol lekkers maar is ook nog eens een lust voor het oog. Zo’n boek om traag en lui -in de zomer in je hangmat en in de winter onder een dekentje- in te blijven bladeren. Gewoon al voor de feelgood die het je geeft.

Het fijne aan dit boek is dat het geen pretentie heeft. De recepten zijn net zo toegankelijk als de layout. Dit boek is als een huis met openstaande deuren. Laagdrempelig maar meer dan smaakvol.  Je kan er zonder kloppen naar binnen.
Geen oeverloze lijst ingrediënten, geen bereiding van 101 stappen, geen ingewikkelde terminologie. Neen, what you see is what you get. De recepten zijn dus zeker ook een zegen voor de drukbezette mens. Relaxen en koken gaan hier prima samen.

Het boek wandelt met jou door de seizoenen en biedt je afhankelijk hiervan verfrissend of hartverwarmend lekkers. Als ecofiel vind ik het wel jammer dat er in die seizoenen niet uitsluitend gebruik gemaakt wordt van lokale seizoengroenten. Een chiligerecht is voor mij eigenlijk een zomergerecht en hoort dus niet thuis in het hoofdstuk winter aangezien paprika en tomaten in de zomer hier kunnen geteeld worden. Dit geldt ook voor het heerlijke Valentijnsgerechtje want aardbeien en frambozen moeten in februari helaas worden aangevoerd uit warme landen en hebben zo een behoorlijke ecologische voetafdruk. Maar hier kan je wel je toevlucht nemen tot diepvriesfruit.

Van diezelfde ecofiel had het boek nog wat minder vlees en vis mogen bevatten. Begrijp me niet verkeerd, er staat heel wat veggie lekkers in dit boek maar een tonijnslaatje zet ik in deze overbeviste tijden liever niet meer op het menu.  Maar niet getreurd! Wie het zonder wil, kan vlees en vis in veel recepten makkelijk door een veggie variant als tofu of seitan vervangen .

Verder geeft het boek je tips voor een onvergetelijk ontbijt (de aardbeienscones moet je proberen!), heel wat selfmade takeaway gerechtjes voor een verwenlunch op je werk, suikerloze ijsjes en ander zoets én de beste pizza- en croquecombi’s! Begin maar vast te watertanden!

IMG_3670

Aangezien het hier drukke vakantietijden zijn -knipoog- en we overmorgen alweer naar Frankrijk vertrekken, kon ik meteen uittesten hoe stressloos dit boek kookt. Ik ging voor de gepofte zoete aardappel met rode bonen en zure room. De lekkerste eenvoud die er is. Omdat ik altijd een beetje moet rebelleren als ik een kookboek gebruik (het lukt me nooit alles letterlijk over te nemen), roosterde ik tenen ongepelde (doorprikte en gekneusde) look, een paar blaadjes laurier en een takje rozemarijn mee met de aardappelen. De bonen bakte ik kort in olijfolie. Gewoon omdat ik dat het lekkerst vind. Afwerken deed ik met versnipperde pijpajuintjes en een avocado-tomatensalade. En het was heer-lijk! Dus bij deze is het beslist: dit boek reist met ons mee naar Frankrijk!

IMG_3671

Gepofte zoete aardappel met bonen

Voor 2 personen

1 zoete aardappel
400g kidneybonen
1/2 tl gerookt paprikapoeder
2 tl volle zure room of crème fraiche
zout en zwarte peper

Bereidingswijze

Verwarm de oven voor op 200°C. Prik met een vork enkel gaten in de aardappel en smeer de aardappel in met olijfolie. Leg de aardappel in een ovenschaal en maal er wat zout en peper over. Zet 45 minuten in de oven. Verwarm 10 minuten voor de aardappel uit de oven mag, de kindneybonen met het gerookte paprikapoeder in een pan op het vuur. Haal de aardappel uit de oven., snijd doormidden en roer het kruim om door roerende bewegingen te maken met een vork. Verdeel de kidneybonen over de aardappelhelften, giet er 1 theelepel room over en garneer met versgemalen zwarte peper.

Tip!

Serveer met koriander en avocado!

 

 

Healthy is funky… and damn tasty too!

Ik ontdekte Healthy is funky een jaar geleden op Instagram en was meteen fan van de frisse en speelse foodfoto’s van  Mich Baron, de vrouw achter dit swingend account. Dat daar een boek moest van komen, was niet meer dan een evidentie. En dat het een lekker boek is geworden, heb ik mogen proeven!

Carpe diem

De troeven van Healthy is funky zijn de positiviteit en de toegankelijkheid. Gezonde en (milieu)bewuste voeding kregen een hip kleedje waardoor het konijnenvoervooroordeel (hallelujah wat een woord!) met de grond gelijk werd gemaakt. Want gezond kan en mag megalekker en  ja zelfs al eens bourgondisch zijn!  Wie heeft immers ooit gezegd dat groenten geen sexappeal hebben en dat fruit geen rockallures bevat? In Healthy is funky spettert de levens-lust van elke bladzijde en daar wordt niet over gepredikt maar over gezongen! Elk gerecht verdient hier zijn eigen soundtrack.  Verleiden en genieten is de boodschap. En dat zullen we geweten hebben.

Meer met minder

De toegankelijkheid van het boek schuilt in de klare taal en ‘simpele’ gerechtjes maar laat het vooral duidelijk zijn: hier is simpel helemaal niet het synoniem voor saaie kost maar voor pure essentie. Less is more en dat bewijst Mich met verve. Op die manier wordt de drempel naar een nieuwe eetstijl veel lager. Iedereen kan lekker eten op tafel toveren en je hebt er geen koksdiploma, dikke portemonnee of uren tijd voor nodig. Hou het simpel en je scoort. Beperk je tot de essentie en het is elke dag feest aan jouw tafel.

O let’s burger baby

Om een kookboek te beoordelen, moet je er uit koken! Zo gezegd zo gedaan. Ik bladerde gisteren door Healthy is funky om me op het gevoel te laten lokken door een recept. En tja, ik heb een zwak voor de betere veggie burger én ik heb een boon voor boontjes dus werd het de rodebonenburger.
Nu moet mij toch eerst even van het hart dat heel wat veggie burgerrecepten veel beloven dat ze niet kunnen waarmaken. Daarmee bedoel ik dat ze je daar op de foto lekker sappig en met een krokant korstje liggen te lokken maar dat wanneer je zelf de opgegeven ingrediënten bij elkaar mixt en de burger in de pan bakt, je iets krijgt wat het meest lijkt op een wak plakkerig prakje. Helemaal geen burger dus.
Niet zo bij deze stoere bonenburger van Healthy is funky want deze jongen is de naam burger meer dan waard. Smaakvolle inborst, lekker korstje, stevige beet: een echte bink dus! Als ik iets moet opmerken dan is het dat de ahornsiroop voor mij niet hoeft. Ik vond de burger zoet genoeg door de ketchup en zou er dan eerder een lepel sojasaus aan toegevoegd hebben dan extra zoet. Iets meer ui mocht er van mij ook wel in maar misschien was mijn ui gewoon te klein.
Ik maakte zelf een sausje bij de  burger van half yoghurt half veganaise en een snuif gerookte paprikapoeder en serveerde hem lekker basic op een heerlijke biopistolet met een schijfje augurk, tomaat en veldsla. Eén ding is zeker: dit recept wordt een blijvertje en ik popel al om het op de dochter (11) uit te testen!

Van Mich mag ik jullie het recept verklappen maar geloof me: je wil het hele boek proeven! Healthy is funky is een must op de boekenplank van elke  feelgoodkitchen!

IMG_7465

Rodebonenburgers met zonnebloempitjes

Deze vegetarische burgers zijn makkelijk te maken en goedkoop. Steek de burgers tussen een volkorenbroodje, dat je bestrijkt met veganaise of cocktailsaus (zie bladzijde 98). Go & impress the people!

340g rode bonen (duurzame noot van kookeetleef: bij voorkeur niet uit blik, liever uit glas en het allerliefst droog gekocht en zelf gekookt)
30g havervlokken
30g zonnebloempitten
1/2 rode ui (of 2 lente-uitjes)
1 teentje knoflook (eventueel)
2 eetlepels ketchup
2 eetlepels ahornsiroop
1/2 tl chilipoeder
1/2 theelepel komijnpoeder (eventueel)
1 theelepel olijfolie of kokosolie
fleur de sel

Hoe maak je het?
Giet de rode bonen af in een vergiet, spoel ze af onder koud stromend water en laat ze goed uitlekken.
Doe de havermout en de zonnebloempitten in een blender en blend kort (tel tot 5).
Doe dan de bonen in de blender en blend kort (tel tot vijf).
Pel de rode ui en de knoflook.
Voeg de ui, de knoflook, de ketchup, de ahornsiroop, het chilipoeder en de komijn toe en blend kort (tel tot 5). Als het mengsel te droog is, voeg dan nog 1 eetlepel water toe, als het te nat is, voeg dan nog 1/2 eetlepel havervlokken toe.
Maak vier burgers van ongeveer 9 cm diameter van het mengsel en bak ze in de oven of in de pan.

In de oven:
Verwarm de oven voor op 180°C.
Leg de burgers op een vel bakpapier op een ovenrooster of een bakplaat.
Zet de burgers 20 minuten in de oven.
Draai de burgers om en zet ze nog 10 minuten in de oven.

In de pan:
Verhit de olie in de pan.
Zet het vuur op een hoge stand en bak de burgers 4 minuten.
Draai de burgers om, zet het vuur lager en bak ze nog 7 minuten aan de andere kant.

Variatie
Je kan de zonnebloempitten ook vervangen door pompoenpitten

IMG_3223

Pizza per favore!

pizza 006

Als ik zou vragen ingrediënten te associëren met pizza zouden de tomaten, champignons, paprika’s, artisjokken en olijven me waarschijnlijk om de oren vliegen. Pizza is dan ook bij uitstek een zuiders zomergerecht. Maar met een beetje creativiteit en verbeelding wordt pizza veel meer dan dat: een perfect kleuren- en smakenpallet om onze culinaire verbeelding en de groentekalender op los te laten!

Sommige chefs hebben dat al begrepen -denk maar aan de keuken van eatlove– en sloegen aan het goochelen. Laten we dat creatieve voorbeeld volgen. Tijd voor pizza met allure! Wat dachten jullie van een symfonie van pompoen, palmkool en gekarameliseerde uien?

pizza 031

Spelthaverpizza met gecarameliseerde ui, geroosterde pompoen en palmkool

Nodig voor 1  pizza (30cm doorsnede)

Voor de bodem

1 cup speltmeel
1 cup havervlokken
2 el sesamzaad
1 tl zout
1/4 cup olijfolie
1 cup lauw water

Voor de topping

300g pompoen
2 grote uien
scheut witte wijn
1/2 tl nootmuskaat
4 takjes palmkool
150 ml sojaroom
1 el graantjesmosterd
1 teen look
3 blaadjes salie
olijfolie
peper en zout
2 el sojasaus
1 el geroosterde sesamolie
handvol fris groen kruid (rucola, peterselie,…)

Snijd de pompoen in halve maantjes en grill of bak (in oven of pan) met de versnipperde teen look en de versnipperde salie aan beide kanten tot zachtgaar. Smaak af met peper en zout.
Snijd de palmkool in reepjes en roerbak in een pan of wok met olijfolie. Blus met de sojasaus en laat even sudderen tot gaar. Voeg eventueel wat water toe als de kool dreigt aan te bakken. Zet het vuur uit en voeg de sesamolie toe. Roer goed door.
Snijd de uien in reepjes en stoof ze tot ze lichtjes bruin worden. Blus met de wijn en voeg nootmuskaat toe. Laat even sudderen. Voeg de sojaroom en de mosterd toe en laat indikken tot een gladde saus.

De pompoen, kool en eventueel ook ui heb je bij voorkeur al in huis als restjes van één van je voorgaande maaltijden. Dan vraagt de pizza heel weinig tijd. Anders moet je deze kleine hoeveelheden groenten speciaal bereiden en dan is dat natuurlijk wel een klus. Je kan de pompoen, kool en ui uiteraard makkelijk vervangen door andere groenterestjes die je in huis hebt zoals gestoofde prei, gecarameliseerde worteltjes, gegrillde raapjes, gestoofde boerenkool,…Pizza is immers een prima restverwerkingsrecept. Zo ontstond het ook ooit. Wanneer men in een dorp broden bakte, gebruikte men de restwarmte van de oven en het deeg om de overschotjes te verwerken tot een feestmaaltijd. Pizza was dus oorspronkelijk armeluiskost maar arm smaken doet het niet! En duurzaam is het zeker!

Verwarm de oven voor op 180°C. Meng alle ingrediënten voor de bodem in een kom tot een zacht rekbaar deeg. Rol uit in jouw favoriete pizzavorm (rond, ovaal,…) op een bebloemd vlak.
Bekleed een bakplaat met bakpapier. Leg het pizzadeeg erop en bak gedurende 15 à 20 minuten tot de bodem goudgeel is.

Spreid de uiensaus uit over het pizzadeeg. Beleg met de pompoen en palmkool. De liefhebbers kunnen afwerken met parmezaanse kaas (de vegan versie maak je zo) en een scheut olijfolie met versnipperde bladpeterselie, brandneteltoppen, basilicum, rucola of ander groen. Bak gedurende nog eens twintig minuten.

Groenten in de oven

flowerpower 032

Om de feestdagen  goed in te zetten geef ik jullie de nodige uitleg bij een van de makkelijkste én lekkerste groentegerechten die er bestaan: geroosterde groenten. Een gerecht waarmee je bijna elke groente in een wip in een feestje verandert. Met een schaal geroosterde groenten, wat brood of een graan, een salade en een lekker dipsausje heb je zo een maaltijd op tafel. Misschien hebben de meesten onder jullie hier helemaal geen extra uitleg bij nodig maar voor zij die toch nog wat drempelvrees hebben bij het gerooster, geef ik wat tips.

  1. De basis

    Voor een glansrijk roosterresultaat  heb je nodig:
    -goede olijfolie
    -het beste zeezout
    -peper van de molen
    -smaakmakers (kruiden, specerijen, sap, azijn, stroop, wijn, bier…)

    Was je groenten zorgvuldig, borstel ze zo nodig. Niks zo vervelend als zand tussen je tanden. Snijd de groenten in grote stukken. Met grote bedoel ik minstens 5cm3. Te kleine stukjes rooster je immers tot prut of uitgedroogde dutsjes. Schik je groenten in een ruime ovenschotel. Zorg dat alle groenten hun plaats hebben. Stapel geen lagen groenten op elkaar want anders blijven de groenten te vochtig en gaan niet roosteren. Vul je schotel wel volledig en gelijkmatig. Anders blakert je schotel zwart op de niet bedekte plaats.

    Overgiet gul met olijfolie. Met gul bedoel ik 5 eetlepels op een kilo groenten. Dat lijkt veel maar de groenten hebben een oliejasje nodig om aan alle kanten een mooi korstje te krijgen tijdens het roosteren. Bestrooi of begiet met de uitverkoren smaakmakers, zout en de peper en meng alles goed door elkaar. Doe dit bij voorkeur met je handen omdat je op die manier alles perfect kan verdelen onder de groenten. Je geeft ze als het ware een olie-en kruidenmassage.

    Plaats de schotel in een oven tussen 180°C en 220°C. Zet de oven niet op de heteluchtstand omdat de groenten dan uitdrogen. Kies je temperatuur in functie van de gaartijd. Zachte groenten als tomaten en champignons hebben baat bij een korte hevige hitte. Harde rakkers als aardappels, wortels, pastinaken en rapen nemen hun tijd. Daar kan je de temperatuur beter wat lager houden omdat ze anders te snel bruin worden. Prik regelmatig om te testen. Laat de harde groenten lekker zacht worden. Dan pas komt hun geroosterde smaak echt tot zijn recht. Harde groenten, zoals de rode bietjes, doen er makkelijk een uurtje over om gaar te worden. Zachte groenten, zoals de tomaatjes, klaren de klus soms al in vijf minuutjes.

    Niet alle ovens zijn even roostervaardig. Een professionele oven doet wonderen en roostert in alle zachtheid zodat de structuur en vorm van de groente mooi intact blijven. Andere ovens zijn minder mild en doen harde groenten, zoals rode bietjes soms verpieteren. Dan dek je na een kwartiertje roosteren de groenten beter af met folie om uitdrogen te voorkomen. Je husselt in de amateursoven de groenten sowieso elk kwartier eens door elkaar zodat ze weer goed in het vet zitten.

  2. Ovenschatjes

    Mijn favorieten zijn:
    -pastinaak (of peterseliewortel): met smaakmakers als nootmuskaat, curry, mosterdzaad, chili, paprikapoeder
    -aardappel: met ongepelde tenen look, cajunkruiden, paprikapoeder, chili, thijm, rozemarijn, komijn, ras el hanout
    -rode biet: met een mix van balsamicoazijn, rijststroop, chili en dille
    -raapjes: idem pastinaaksmaakmakers
    aubergines: ingesmeerd met lookpulp en peper en zout, meer moet dat niet zijn
    -pompoen: met een mix van salie, ahornsiroop en lookpulp of met de pastinaaksmaakmakers
    -wortel: met een mix van curcuma, citroensap, cardamom, chili en rijststroop

    Geen van deze groenten hoeft geschild te worden! Hun schil wordt een delicatesse in de oven. Schrobben en spoelen volstaat!

    3. Caramel!

    Gecarameliseerde groentjes zijn meer dan lekker. Ze zijn verrukkelijk. Door het toevoegen van wat zoet in de vorm van stroop of wijn, sojasaus of azijn kan je je groenten carameliseren tot echte snoepjes. Wees ook hier gul en voorzie je groenten van genoeg vocht om aanbranden te voorkomen. Zeker bij het carameliseren is dat anders snel gebeurd.

    En nu smullen maar! Van deze bietjes bijvoorbeeld.